![]() |
| Brief van De Rasière, foto: Nationaal Archief |
De Rasière zou tot 1628 in de kolonie blijven als secretaris. In die functie heeft hij heel wat teksten geschreven. Zijn brieven en verslagen bieden vierhonderd jaar later een mooi inkijkje in het leven in de nieuw kolonie.
Al snel boterde het niet onder de pioniers in de nieuwe wereld. In september 1626 schreef De Rasiere aan de bewindhebbers in de Republiek dat directeur Willem Verhulst en zijn overige raadsheren niet op één lijn zaten. De situatie werd bovendien alleen nog maar erger doordat de boekhouding niet op orde was. Verhulst werd door zijn collega’s uit zijn functie gezet en door Pieter Minuit vervangen.
In het Nationaal Archief bevindt zich een brief van Isaac de Rasiere aan Samuel Blommaert, bewindhebber van de WIC. Mogelijk had Blommaert, die van plan was een patroonschap te stichten in Nieuw-Nederland, De Rasiere gevraagd de meest recente informatie over de kolonie aan hem door te geven; alle informatie was welkom. Als hij wist welke stukken land vruchtbaar waren en in welke gebieden de veiligheid gegarandeerd was, kon hij zich vanuit de Republiek vast goed voorbereiden op zijn nieuwe onderneming. Mogelijk wist hij dankzij De Rasieres aanwijzingen precies welk gedeelte hij zou kiezen om te kopen.
De Rasiere schrijft ook over de bouw van fort Amsterdam. Hij schrijft dat de Nederlanders zijn begonnen met de bouw: ‘t Begonnen fortien Nieu Amsterdam is geleyt op eennen punt responderende over ‘t noten eeijlandt’. Tegenwoordig staat op deze plek het National Museum of the American Indian.


































