![]() |
| foto: Bram Esser |
Voor de deur van het huis waar ik moest zijn, stond een typisch stelletje uit Williamsburg, een hippe wijk in Brooklyn: afgezakte broeken en grote zonnebrillen. Het meisje heette Amanda en de jongen stelde zich voor als Peter van Leeuwen. ‘Het is zo Nederlands als de pest, maar ik spreek geen woord Dutch.’ Ik was verrast, want even daarvoor had ik een ijsje gegeten bij een wagen waar Peter van Leeuwen op stond. Het bleek de bestelbus van Peter en zijn broer te zijn.
De deur ging open en wij namen de trap naar het dak. De barbecue was georganiseerd door een IJslands model dat jarig was. Er waren meer IJslandse modellen die avond. Dat verklaarde misschien dat de hamburgers lagen te verbranden op de gril. Niemand at ze. Zelf had ik een visje meegenomen. Het visje heette skate, een soort platte zweefvis. Anderen adviseerden me het in aluminiumfolie te wikkelen anders zou het boven het vuur uit elkaar vallen. Ik haalde een rol uit de keuken. Naarmate het feestje vorderde, begonnen steeds meer feestgangers zich in die rol te wikkelen.
Het was een geanimeerd feest. We dansten veel op muziek van Michael Jackson. De King of Pop mocht dan net zijn overleden, zijn geest vulde de stad. Zijn ijle vrouwelijke stem klonk overal uit grote geblindeerde auto's waar normaal gesproken alleen dreunende hip hop hop uitkwam. Ook op dit dak in Williamsburg kon je niet anders dan concluderen dat de King op Pop helemaal niet dood was. Hij had zich simpelweg opgedeeld en leefde voort in zijn duizenden fans.


































