Ik ben geboren in 1949 en de eerste drie levensjaren woonden wij in Mamelis (Zuid-Limburg) in een benedictijnen klooster. Daarna verhuisden wij naar Vaals waar ik mijn jeugd heb doorgebracht.
Waarom wij in dat klooster gewoond hadden werd afgedaan met.."er was woningnood in die tijd". Waarom woonden wij eigenlijk in Limburg terwijl mijn vader Rotterdammer was en mijn moeder uit Zeeland kwam? "Dat kwam door de oorlog, want ze waren uit de grote stad gevlucht". Dat is dan zo waarom zou je dan verder vragen.
Mijn ouders hielden van ons en waren er altijd. Mijn vader was mijn grootste vriend.
Vaak maakte ik op zondag samen met mijn vader wandelingen door de bossen en al waren we verdwaald wat kon mij nou toch gebeuren aan de hand van mijn vader, niets toch?
Het was een vriendelijke rustige wijze man, die luisterde naar andermans verhalen. Als ik naar de vaders van mijn vriendinnetjes keek, dat waren vaak norse of zeer strenge vaders, dan was ik zo blij met mijn paps. Na zijn werk stond hij vaak tot savonds laat nog kleren uit te wassen want mijn moeder was heel vaak ziek, ze had veel last van zenuwen en depressies. Maar mijn vader ving dat allemaal op met veel liefde en niets was hem teveel.
Over de oorlog werd er thuis niet gesproken en als er eens iemand op bezoek kwam die er iets over zei dan werd dat meteen afgekapt. Dan voelde ik een bepaalde spanning in huis. Als ik er naar vroeg werd er gezegd dat ze daar niet over wilde praten want dat was voorbij. Er kwamen wel eens bekenden over de vloer en die hadden allemaal in dat klooster gewoond. Dat ze een gemeenschappelijk verleden hadden wist ik toen nog lang niet.
In mijn pubertijd kreeg ik allerlei vage kwaaltjes Van buikpijn tot hoofdpijn altijd had ik wel ergens pijn of ik was ziek. Kwaaltjes die zomaar op kwamen zetten maar ook weer verdwenen. Jaren lang ging ik van dokter tot specialist maar niemand kon ook maar iets vinden ik was kerngezond. Ergens moet ik toch de spanningen van mijn moeder overgenomen hebben. Ik was ook altijd bezorgd en dacht als mijn moeder weer eens ziek was het mijn schuld was.
Mijn ouders stierven kort na elkaar toen ik ongeveer vijfentwintig jaar was. Ik was inmiddels getrouwd en had een zoon. Ik leefde jaren lang zoals de meeste mensen met een gezinnetje.
Tot op die vreselijke dag dat een neef van mij op visite kwam en even tussen neus en lippen door vertelde dat hij nog een folder had gevonden van de nsb want "daar was jouw vader en moeder lid van". Wat er toen door me heen ging in een fraktie van een seconde kan ik haast niet beschrijven. Ik wist meteen dat het waar was, alles waar ik vroeger geen antwoord op kreeg werd nu beantwoord. Alles pastte in elkaar. Ik voelde het bloed uit mijn gezicht wegtrekken, het was een mokerslag die ik helemaal onverwacht kreeg van mijn neef, maar op het zelfde ogenblik wilde ik het niet over mijn ouders hebben met die neef die ik amper kende. Ik stamelde iets in de trant van "mijn ouders zijn altijd goed voor mij geweest" en ging naar de keuken om even op adem te komen.
Hoe ik die dag verder door ben gekomen weet ik niet meer maar het was de ergste vreselijkste dag van mijn leven. De dagen erna wist ik met mijn eigen geen raad. Ik werd heen en weer geschud door gevoelens. Mijn lieve vader, moest ik hem nu ineens haten? Mijn arme moeder die zovaak ziek was moest ik daar nog verdrietig over zijn?
Ik die altijd een gruwelijke hekel heb aan mensen die anderen discrimineren, die een hekel aan geweld en soldaten heeft? Hoe moest ik hiermee omgaan? Heeft mijn vader of moeder ooit iemand verraden of erger nog? Altijd vertelde ik mijn zoontje verhalen over zijn geweldige opa , moest ik daar maar mee ophouden? Mijn man zei vaak die vader van jouw die had een goed stel hersenen wat was dat een wijs man, moest ik het aan mijn man vertellen? Vragen vragen vragen mijn hoofd liep er van over. Antwoorden kreeg ik niet omdat ik zweeg, net als mijn ouders tegen mij zwegen. Waarom ze nooit iets verteld hebben aan mij zal ik nooit weten. Misschien hebben ze gehoopt dat ik er nooit achter zou komen vooral omdat ik op mijn eenentwintigste in een heel andere omgeving ging wonen. Misschien wilden ze mij voor een hoop leed behoeden. Want leed heb ik er vangehad en nog.
Iedere keer als het weer tegen de vierde mei loopt komt het allemaal extra naar boven. Honderden keren zei ik tegen mezelf dat mij totaal geen schuld treft, en dat is ook zo. Maar waarom voelt het dan toch als schuld en schaamte?
Later toen het internet zijn intrede deed ben ik gaan zoeken, het eerst naar dat benedictijnen klooster. En daar stond het zwart op wit. Die broeders hadden daar veel vrouwen en kinderen opgevangen waarvan de mannen vaak nog in de gevangenis zaten vanwegen hun lidmaatschap van de nsb. Nu was het voor mij honderd procent zeker dat het allemaal waar was. Want een heel klein hoopje had ik nog, dat mijn neef gelogen had, niet dus. Op internet vond ik veel verhalen over mensen met het zelfde lot. Veel erger dan wat ik mee gemaakt heb.
Ik weet niet of ik ooit de moed heb om inzage te vragen in het dossier van mijn ouders. Het zou misschien goed zijn om af te sluiten,, ik weet het niet.
Hoe veel mijn ouders ook van me gehouden hebben, toch hebben ze me het spontaan met mensen omgaan, het echt houden van mensen afgenomen. Ik durf niet meer te dicht bij te komen want dan denk ik "je moest eens weten".








































.jpg)



.jpg)



.jpg)
.jpg)