Kinderen over 'foute' ouders

Lettergrootte:    
5. Toen kwam de bevrijding
1945

Toen kwam de bevrijding

Het waren de Canadezen die kwamen maar er werd geen enkel schot afgelost. Gauw kwamen de Nederlandse vlaggen te voorschijn en wij begrepen dat er een verandering in het leven zou komen. Er ontplooide zich bij ons een gemixte en angstige stemming met vele vragen zoals: Waar is Pa, kunnen we weer naar huis, komt er nu eten enz. In het dorp werden parades gehouden en feest gevierd. Konden wij kinderen hier aan mee doen? We begrepen dat we “van huis uit” niet in deze vreugde pasten. Het bleek al gauw dat de vreugde niet voor ons was bedoeld. Onze moeder werd gearresteerd door de “BS” =binnenlandse strijdkrachten. Dit waren jonge mannen in blauwe overals en een band rond de arm met BS er op. De oorzaak was natuurlijk de auto met Duitse nummerborden die ons enige maanden geleden daar had gebracht en duidelijk zichtbaar voor het huis had gestaan. Moeders arrestatie werd alom besproken en onze schoolvriendjes en buren keken ons vreemd aan.
Na een paar weken kwam moeder weer thuis. Zij nam zich voor om naar vader te gaan zoeken en te onderzoeken wat er met hem was gebeurd. Hoe zij de reis naar onze oorspronkelijke woonplaats voor elkaar heeft gekregen is nu een raadsel omdat verkeersmiddelen er toen nauwelijks waren.
Kort daarna stuurde zij een brief en vertelde dat ons huis helemaal kapot was. Alle meubels, kozijnen en vloeren waren er uit. Van onze spullen was niets meer te vinden. Vader zat in de gevangenis.

Tegen het einde van de zomer kreeg zij een woning te pakken. Met behulp van oude vrienden kreeg ze het voor elkaar het enigszins bewoonbaar te maken. Tafel en stoelen waren bijv. tuinmeubels. Bedden waren er in het begin niet. De slaapplaatsen waren matrassen die op de grond lagen. Ook wat beddengoed was bij elkaar gebedeld. Overal was schaarste na de oorlog maar er waren nog steeds bekenden en vrienden die haar ter zijde stonden. Zo hebben wij in onze kleine woning zelfs bevriende lotgenoten laten wonen die geen dak boven hun hoofd hadden .

Ons spaargeld wat op de bankboekjes stond was verbeurt verklaard en daar kon ze niet aankomen. Ook het spaargeld van ons kinderen hadden wij geen recht meer op. Het bleek dat onze inboedel uit onze woning was gehaald door een organisatie dat het “beheersinstituut” heette en alles zou bij hun zijn opgeslagen. Moeder probeerde daar onze spullen los te krijgen. Dat ging niet zomaar. Zij mocht wel kijken of ze wat kon vinden en zij kon dan dat ter zijde zetten. Als ze met de ambtenaar naar bed wilde dan was er wel een oplossing te vinden! De volgende keer dat ze weer kwam waren die spullen weg maar hoe die verdwenen waren weten we niet.

Ook in deze tijden was er nog geen kleding te koop. Moeder kreeg van iemand een oude naaimachine en zij begon weer kleding te herstellen. Na enige tijd werden er ook nieuwe kleren door haar gemaakt en begon er wat geld in het laatje te komen.

 
Tijdlijn
  • 1943
  • 1944
  • 1945
  • 1946
  • 1947
  • 1920 - 1929
  • 1930 - 1939
  • 1940 - 1949
  • 1950 - 1959
  • 1960 - 1969