65 Jaar Bevrijding

Lettergrootte:    
We zijn vrij!
1945, Friesland
Hij stond bij de schuur onder aan de dijk. Als een groot silhouet zag hij de vader van de boer fietsend over de afrit naar beneden komen.

De boer was sinds ongeveer een halfjaar zijn pleegvader, omdat er in Amsterdam geen eten meer was. In een donkere nacht was hij daarom in een boot vol kinderen over het IJsselmeer naar Friesland gebracht, waar ze met karren en koetsen werden uitgevent over de beschikbare opvangadressen. ‘Een mager scharminkel, onder de luizen’, was het enige dat de boerin zich veel later nog uit die tijd kon herinneren.

Vanuit een groot gezin op het gezellig drukke Columbusplein was hij nu in een grote stilte terechtgekomen. De boerin liep niet over van gevoel en de grote melancholieke ogen van de boer straalden alleen uit dat hij zich een gelukkiger wereld kon voorstellen. Maar er waren ook plezierige kanten aan het boerenland. Hij had bijvoorbeeld zijn eigen geitje gekregen dat hij mocht verzorgen en waar hij veel tijd bij doorbracht. Het geitje was nog zo klein dat hij het als vijfjarige makkelijk kon hanteren. Moeilijker was dat bij het kalf dat hij soms voor de oude wat dementerende vrouw iets verderop met een touw aan een pin op een grasland moest vastzetten. Hij voelde duidelijk dat het dier te sterk voor hem was en was verbaasd en opgelucht als het toch telkens weer lukte.

Eén keer had hij van de oude vrouw een stuiver als beloning gekregen, maar de pleegouders waren verontwaardigd dat hij het aangenomen had. Een goed christen deed dat niet. ’s Zondags in de zwartepakkenkerk voelde hij dan ook iedereen streng en verwijtend naar hem kijken en waar dan dat zwaar dreunende gezang toe diende?

De winter was lang en koud geweest. ‘Wordt het hier dan nooit zomer?’, had hij een keer in een sombere bespiegeling gezegd, terwijl hij met zijn klompjes tegen een omgevallen boom schopte. Maar nu was het dan toch beter weer geworden. Tegelijk zat er ook wat onrust in de lucht. Op een avond waren er allemaal mannen met geweren over de dijk gekomen die op een gebouw in de verte schoten. De mensen waren er blij mee en de boerin had hem nog opgetild om het goed te kunnen zien, er stond iets bijzonders te gebeuren!

Toen de vader van de boer vanaf de afrit het erf kwam oprijden, sprong hij met een grote zwaai van zijn been  van de fiets af en riep nog in de zwaai met de plechtige, krachtige stem die de jongen ook in de kerk had gehoord: ‘WE ZIJN VRIJ !!!’ En binnen een minuut hing er een grote vlag te wapperen aan de schuur.

De jongen wist niet waarom dit alles zo belangrijk was en het boezemde hem vrees en afkeer  in dat nog diezelfde dag door de gezamenlijke boeren enkele mensen op wrede en vernederende wijze uit hun huis gehaald werden. Hetzelfde zag hij zich herhalen in Amsterdam, nu door mannen in blauwe overalls met laarzen en helmen en verwrongen gezichten. Daar wilde hij niet bij horen.

Pas een half jaar later, toen hij lezen had geleerd en elke avond begerig Het Vrije Volk las begon voor hem echt de oorlog en ontwaakte het besef dat hij de bevrijding had gemist.

 
Tijdlijn
  • 1943
  • 1944
  • 1945
  • 1946
  • 1947
  • 1930 - 1939
  • 1940 - 1949
  • 1950 - 1959
  • 1990 - 1999
  •