65 Jaar Bevrijding

Lettergrootte:    
Een gevonden brief
10-1944
In mijn eigen archief vond ik een brief. Deze brief is geschreven door Jan Davids de Haas (24 augustus 1873 – 21 februari 1949). Deze meneer De Haas was een oom van mijn vader. De brief beschrijft de toestand in de periode oktober – december 1944.

Oom beschrijft zijn vermoedens van een strenge winter, met weinig voedsel en andere levensmiddelen. Nu weten wij: de Hongerwinter stond voor de deur. Dat maakt deze brief des te indringender. Een aantal fragmenten:

Lieve Nan en beste Frits.

(…) Met grote belangstelling hebben we je brief gelezen en herlezen en zijn daarbij steeds meer verblijd geworden door de opgewekte blijmoedigheid, waarmede jullie zo duidelijk het grote leed, dat je deel werd, hebt weten te aanvaarden en daardoor dragelijk te maken. En dit ook en vooral om de blijdschap, dat je weer met je allen in één gezin bijeen bent en onder hetzelfde dak.

(…)
Reeds thans is de temperatuur zodanig, dat de ’s morgens terwijl je bezig bent je aan te kleden, de vingers krom krijgt van de kou en loop je door het huis of op straat, dan lijkt het of je geen kleren aanhebt.

We hebben nog wat brand en stoken overdag heel, heel zuinig met gruis, dat lang smeult, zodat je althans iets aan warmte om je heen hebt. Bovendien benutten we die warmte  dan om het een of ander op de haard op te warmen. Een soepje van wat groenten, waarin we vleesballetjes trekken als er vlees is en wat gortmout of zo, wat pap met een beetje taptemelk als die er is en van gortmout of wat macaroni, een schaaltje peertjes of appeltjes waarvan we het warme vocht drinken om toch enig warm drinken per dag te hebben, alles voor bijvoeding bij de keuken. Verder piepen we wat appels in de asla van de haard, dat erg lekker is, net fijne appelmoes en zo lukt het tot heden de gang er in te houden.
(…)
Je klaagt over lang wachten hier en daar, och dat is hier precies hetzelfde. Bij de slager, bij de kruidenier, bij de groenteman. En dan is er dit niet en dan dat niet en het is maar komt u nog eens terug over een uurtje of zo en dan is er nog niets, of er wordt gezegd. Komt u vanmiddag nog eens kijken. E zo ga je maar door.
(…)
Allerlei bonnen worden niet meer gehonoreerd, er is niets meer. We krijgen per dag per persoon de helft van een half broodje, een en driekwart liter taptemelk voor 4 weken, (en die is er meestal niet) en ook zwarte melk is niet meer te krijgen. Deze week zegge 35 gram vlees per persoon met het vooruitzicht, dat ook de slagers sluiten, want ze zeggen ze kunnen zulke beetjes niet meer uitbenen en niet meer behoorlijk verdelen onder de klanten. Er is hier sinds verleden week donderdag helemaal geen groente meer geweest, alleen wat appels en peren waarom de mensen vechten. Boter is er niet en evenmin margarine of vet, alleen een beetje raapolie.
(…)
Ik sukkel al een dag of veertien ruim aan een beroerde verteringsstoornis, die steeds begint drie kwart uur of een uur nadat je brood gegeten hebt ( na het middagmaal minder) en dan nog een uur duurt, waarbij je vergaat van maagpijn, wat dan eindigt met loze braking of opgeven van wat maagwater, waarna het langzaam mindert. Maar je bent er aller-ellendigst en ziet er tegen op iets te eten.

(…)
Ellende en narigheid alom, waar je ook kijkt.

Tot ziens, jullie tante en oom

 
Tijdlijn
  • 1940
  • 1943
  • 1944
  • 1945
  • 1946
  • 1930 - 1939
  • 1940 - 1949
  • 1950 - 1959
  • 1990 - 1999
  •