Dieteren lag namelijk in het frontgebied en kreeg te maken met hevige gevechten tussen de Duitsers en de geallieerde troepen.
Harie werkte samen met zijn vader Theo op een gemengd boerenbedrijf. Gedurende de oorlog verloofde Harie zich met Mia Moonen uit het nabijgelegen Nieuwstadt. De oorlogsomstandigheden maakten het hen vanaf 17 september 1944 onmogelijk om met elkaar in contact te blijven. Vanaf die dag tot aan de bevrijding van Limburg en zijn weerzien met Mia heeft Harie een dagboek bijgehouden. Dit geeft een beeld van de manier waarop de mensen de oorlogssituatie destijds ervoeren en hoe hun dagelijks leven eruitzag. Harie beschrijft bijvoorbeeld hoe de Duitse weermacht razzia’s hield voor tewerkstelling in Duitsland:
‘Donderdag 21 September
Een kalme dag. Voor de jongens was het echter een gejaagd leven. Als er een auto Dieteren inreed, snelden alle jongens de schuur in of kropen op een of anderen stal om zich onder het stroo te verstoppen. Er waren ook jongens die 's morgens het veld in gingen om zich hier of daar schuil te houden en des avonds keerden zij weer naar huis.’
Op 6 november 1944 moest de bevolking op last van de Duitsers evacueren. Veel Dieterdernaren verlieten het dorp niet, maar verstopten zich in kelders en schuren. Harie vond een schuilplaats in de kerk. Overdag hield men zich schuil en ’s nachts werd er brood gebakken en eten gekookt. Sommige ingekwartierde Duitse soldaten bleken trouwens wel op de hoogte van de onderduikers, maar zij lieten hen met rust.'
Op een nacht ging Harie naar het huis van zijn oom om te kijken wie er allemaal nog waren:
‘Zondag 12 November
Wij vonden hen in de keuken, terwijl zij bezig waren met het klaarmaken van het avondeten. Zij vertelden ons dat zij een paar dagen geleden door de Duitschers waren uitgehaald. Wat hadden zij toen angst gehad; maar naderhand viel het toch weer mee. De soldaten deelden hun mede dat het in die schuil¬plaats toch niet vol te houden was, om daar dag en nacht in door te brengen, en zij zouden zich zo gauw het avond was maar gerust binnen in het huis wat warm eten klaarmaken. De soldaten hadden hun verder nog medegedeeld dat zij al verschillende menschen hadden uitge¬haald, en dat zij allen maar rustig moesten blijven zitten.’
Uiteindelijk moesten alle burgers op 30 november 1944 toch uit Dieteren weg. Harie vond onderdak in Diergaarde. Daar hoorde hij dat zijn verloofde Mia naar Geleen was geëvacueerd. Gedurende december bleven de mensen in onzekerheid over het verloop van de bevrijdingsoperaties. Op 16 januari hoorde Harie dat Dieteren bevrijd was. Diergaarde lag inmiddels midden in het gevechtsfront. Op 23 januari kreeg Harie de kans om bij een Engelse wachtpost te komen, vlak buiten Diergaarde. Hij werd samen met andere burgers naar bevrijd gebied vervoerd:
‘Dinsdag 23 Januari
Wat was dat een plezierige tocht. Geen angst meer voor razzia, geen angst meer voor de granaten. Alles was ook zo raar gelopen: maandenlang hadden wij verlangend uitgekeken naar de bevrijding en nu waren wij bevrijd voordat wij het zelf goed wisten en nu ging het al zingende naar Sittard.’
Op 24 januari kwamen Harie en Mia elkaar eindelijk weer tegen in Geleen. Ze keerden naar huis terug en konden beginnen met het opbouwen van hun leven op de boerderij in Dieteren. Nu nog zijn daar de sporen van het granaatvuur zichtbaar als gaten in de ijzeren steunbalken van de schuur.























































































