's Nachts bracht hij ze verder naar zijn tussenpersoon. Het was een ingenieus systeem, je kende alleen je ‘voorman’ en je ‘ achterman’, verder niemand. Dit om niet verraden te worden.
Hij was in 1940 getrouwd met een meisje uit Duitsland, dat al in 1928 op zeventienjarige leeftijd naar Nijmegen gekomen was om er te werken. Zij was door het huwelijk Nederlandse geworden. Zij had twee jongere broers in het Duitse leger, alle jongemannen moesten toen!
Zo kon het gebeuren, vertelt mijn moeder nu nog (inmiddels 98 jaar), dat er thuis Engelse piloten en Duitse soldaten gebroederlijk samen zaten te kaarten en chocolade en cigaretten uitwisselden. Haar broers zeiden steeds dat ze de oorlog zouden verliezen , omdat het ‘Kanonenfutter’ in het geheel niet gemotiveerd was.
Beide broers, 21 en 23 jaar, zijn gestorven. Mijn ouders konden al die tijd niet naar hun ouders/schoonouders. Dat kon pas tien jaar na hun huwelijk in 1950, toen de grens weer open ging voor de normale burgers. Toen konden ze met hun inmiddels 4 kinderen naar haar ouderlijk huis. Ze waren wel BEVRIJD, en die bevrijding van de overheersing door de vijand was geweldig, maar de echte VRIJHEID kwam pas jaren later !
Mijn vader heeft ons er altijd op gewezen dat de vrijheid van de mens het hoogste goed is en dat we er altijd voor moeten blijven vechten. Zijn gevleugelde uitspraak staat nog als een huis: ‘ IN GEVAL VAN OORLOG IS TEGENWOORDIGHEID VAN GEEST BETER DAN AANWEZIGHEID VAN LICHAAM!’
Deze brief kreeg mijn vader via een gevluchte vliegenier vanuit Amerika. Door zijn kennissen bij het verzet kwam hij erachter, dat de mensen in het concentratiekamp vermoord waren.
























































































