65 Jaar Bevrijding

Lettergrootte:    
Bevrijding van Groningen - dagboekaantekeningen
12-04-1945 tot 16-04-1945, Groningen
Meneer Bennema heeft in de winter van ’44-’45 een dagboek bijgehouden. In hun huis, tevens ijzerwinkel, in Groningen hield het gezin enige onderduikers. Hier volgen enkele passages over de bevrijding. In de special van het NRC over 65 jaar bevrijding is dit verhaal uitgebreider beschreven.

Op 12 april 1945 stonden de Canadezen aan de zuidrand van Groningen. Die avond begon de uittocht van NSB’ers en andere foute Nederlanders. Bepakt en bezakt gingen ze op reis, kinderwagens vol met spullen voortduwend en verscheidene jassen over elkaar aangetrokken. Een feestelijk gezicht!

Maar snel daarna werd het menens en er is flink gevochten. De Canadezen schoten de noordrand in brand, zodat de Duitsers verdreven werden. Maar de brand ging door, ze drong ook onze straat binnen. Wij moesten dus zorgen dat we wegkwamen.

Het kruispunt waar ons huis stond was een van de laatste plaatsen van de stad die de Duitsers heftig verdedigden. ’s Avonds werden er twee ‘flakken’ geplaatst, luchtafweergeschut, maar nu voor grondwerk. We zaten als ratten in de val.

Omstreeks middernacht werd er op de deur gebonsd. Er stonden een paar Duitse soldaten die ons meldden dat we weg konden. De Canadezen hadden een gevechtspauze ingelast om de bewoners van de buurt te laten vertrekken. Daarvoor al hadden onze ouders allerlei waardevolle goederen op een bakfiets geladen om mee te nemen als we onverhoopt weg mochten. Ook dit dagboek ging mee.

Op de hoek konden we een blik werpen op de brandende Ebbingestraat. Vlammen sloegen vanuit de huizen horizontaal over de hele straat heen. Het knallen van het brandende, kurkdroge hout was oorverdovend, alsof er met vele mitrailleurs tegelijk geschoten werd. Een beeld om nooit te vergeten.

Wij zijn toen verder gegaan naar vrienden van mijn ouders, waar we met veel blijdschap werden ontvangen, verwend met allerlei lekkers en tenslotte op matrassen in hun schuilkelder te slapen gelegd. Vroeg in de ochtend werden we wakker door het lawaai van een carrier met Canadezen, die met een mitrailleur op de Duitsers bij de Ebbingebrug schoten. We waren vrij!

Als door een wonder was die nacht de wind gedraaid, zodat de brand nauwelijks verder de Ebbingestraat was ingetrokken. In de gang van ons pakhuis lag een hele rij Duitse drollen, daar op een betrekkelijk veilige plek door angstige Duitse soldaten gedeponeerd.

De eerste uren van de bevrijding verliepen chaotisch. Je wist nauwelijks van elkaar wat de ander deed, maar iedereen was bezig. Iedereen probeerde te redden wat er te redden viel. Meubels en andere spullen werden uit huizen gesleept die alsnog in brand dreigden te raken.

Ons huis heeft geen schade ondervonden. We hebben dus gewoon ’s nachts in onze bedden geslapen. Maar gewoon was het leven in die dagen niet. In de eerste plaats al die verhalen van andere mensen over hun oorlog en hun bevrijding en over de doden die daarbij zijn gevallen. Maar ook de spontane feestjes en danspartijen die hier en daar op straat rondom een grammofoonmuziekje ontstonden.

Het was voor ons een bizarre gewaarwording dat ander leven in die vier hectische dagen gewoon was doorgegaan. Het weer was prachtig: een strakblauwe lucht, een milde temperatuur en bijna geen wind. De bijen die ik in een kast op het platte dak van het pakhuis has staan, hadden die dagen dan ook een grote hoeveelheid nectar verzameld.

 
Tijdlijn
  • 1943
  • 1944
  • 1945
  • 1946
  • 1947
  • 1930 - 1939
  • 1940 - 1949
  • 1950 - 1959
  • 1990 - 1999
  •