11 september 1944
In ons Limburgse gehucht komen drie Duitse militairen per fiets op het erf van een buurman. Zij spreken met elkaar, maar verder met niemand. Eén van hen pakt een konijn uit een kooi en slaat hem in de nek: dood. De boerenfamilie kijkt gelaten en zwijgend toe. Ik ren naar huis.
12 september 1944
Er is beroering in het gehucht. Van alle kanten naderen Duitse soldaten. Enkele van hen halen bij onze overbuurman paard Rap weg en verdwijnen. Mijn vader heeft ook een paard: Max. Hij staat in zijn stal. Er wordt op de poort gebonsd. Angst bij vader, moeder, (inwonende) opa en de kinderen. Paard Max wordt opgeëist. Mijn vader leidt de agressieve Duitser naar de stal. Deze ziet Max en ook dat er geen paardetuig is, wel de haken om deze op te hangen. Hij vraagt waar het tuig is. Mijn vader zegt dat het gisteren al door een ander is meegenomen. De Duitser foetert en vertrekt zonder paard. 's Middags loopt het hele huis vol met soldaten, allemaal jachtig. Ze halen hooi van de stalzolder om op te liggen. Op een gegeven moment ligt alles vol met Duitse soldaten. We kunnen niet meer in de boerderij via de achterdeur naar buiten, alleen nog door de voordeur. Mijn moeder heeft geregeld dat wij bij de overburen op de poepdoos mogen. Om ongeveer 17.00u belt een kennis van mijn vader uit Noorbeek en zegt :"Wij zijn bevrijd". Mijn vader staat tot aan zijn knieën in de militairen en zegt maar niks.
13 september 1944
's Morgens na het opstaan zijn de meeste soldaten weg uit huis, maar een aantal is nog bezig chaotisch te vertrekken: te voet, met paard en wagen, op fietsen. Een grote stroom militairen trekt achter ons huis de landerijen in. Mijn opa slaat dit alles gade en als de laatste vertrokken lijkt maakt hij grote vreugdesprongen en roept: "Jetz laufen die Katzen!" Twee Duitsers komen nog aan met een gesloten aanhangertje en plaatsen dat in het smalle straatje tussen ons huis en dat van de overburen. Ze leggen mijn vader uit dat, als een vliegtuig dit ziet en er op schiet, beide huizen de lucht invliegen, want er zitten granaten in. Als ook deze Duitsers vertrokken zijn, wordt het wagentje voorzichtig achter naar de wei gereden door mijn vader en de buurman. Opluchting, niks gebeurd! 's Middags rijdt er een jeep door ons gehucht met drie Amerikanen er in plus een mitrailleur; eerst heen en kort daarna weer terug. Het is duidelijk: We zijn bevrijd!
14 september 1944
Mijn vader haalt het paardetuig onder het echtelijk bed vandaan en het werk wordt hervat!























































































